201528.10
0

Zijn de advocaten weer klantjes aan het ronselen?

Gaan strafrechtadvocaten, nu de spoeling in de strafsector dunner wordt, zich steeds meer te buiten aan ronselpraktijken? Strafrechtadvocaat Willem-Jan Ausma zegt van wel. Hij verwijst naar een recente uitspraak van de Raad van Discipline Arnhem-Leeuwarden. Die tikte onlangs een advocaat op de vingers omdat deze zijn potentiële cliënt een horloge en een bedrag van 4000 euro had beloofd om de zaak binnen te halen.

Deze advocaat, die de zaak overigens niet kreeg, werd een maand voorwaardelijk geschorst omdat hij in strijd met de gedragsregels handelde. Willem-Jan Ausma (Ausma De Jong Advocaten) zegt dat de zaak illustratief is voor de steeds heviger wordende concurrentie tussen strafrechtadvocaten. Die trend zie je volgens hem ook terug bij de Raden van Discipline: “Heel veel zaken van ruziënde advocaten.”

Maar voorzitter Bas Martens van het dekenberaad zegt dat hij van de lokale dekens nog geen signalen gekregen dat advocaten vaker over de schreef gaan bij het werven van nieuwe cliënten.

Door de daling van de geregistreerde criminaliteit, de lagere vergoedingen voor gesubsidieerde rechtshulp en de toenemende afdoening van strafzaken buiten de rechter om (ZSM) raken steeds meer vakbroeders in het nauw, zegt Willem-Jan Ausma. Hij signaleert een toename van grensoverschrijdend en oncollegiaal gedrag. Zelf raakte hij een cliënt kwijt die eerder op het politiebureau naar hem had gevraagd. Maar toen Ausma, vanwege het vroege uur, niet direct reageerde, pikte de piketadvocaat zijn cliënt in. Ook weet Ausma dat collega-advocaten gedetineerden in het Huis van Bewaring aan het werk zetten om zieltjes voor hen te winnen. “De gedetineerden verdienen dan 25 euro voor elke nieuwe cliënt die ze aanbrengen.”

Ausma maakt ook mee dat advocaten in dossiers de namen van medeverdachten lezen en die dan actief benaderen. “Of collega’s benaderen verdachten die zitten te wachten bij de politierechter.” Hij heeft ook gehoord dat advocaten slachtoffers aanschrijven. Deze handelingen zijn allemaal in strijd met de gedragsregels.

Ook Alrik de Haas, advocaat bij OMVR Advocaten en lid van de curriculumcommissie strafrecht van de Beroepsopleiding Advocaten, vangt veel geluiden op over ronselpraktijken. “Een kantoorgenote van mij heeft het een paar weken geleden nog aan de hand gehad: een andere advocaat benaderde een cliënt van mijn kantoorgenote, en stelde zich bij de rechtbank. Toen mijn kantoorgenote bij de cliënt wilde informeren of de cliënt inderdaad wilde overstappen, reageerde de andere advocaat buitengewoon fel. Die toonde duidelijk geen inzicht in de gedragsregels.” Zelf had hij vorig jaar een aanvaring met een advocaat die een cliënt wilde inpikken. Pas toen De Haas naar de deken stapte, krabbelde de andere advocaat terug.

“Als je het van ronselpraktijken moet hebben om je strafpraktijk te vullen vrees ik dat je geen ‘lang leven’ hebt in deze gespecialiseerde beroepsgroep,” zegt De Haas. Hij betoogt dat het ronselen ten koste gaat van de cliënten die vaak in een kwetsbare positie zitten. In de beroepsopleiding van advocaten wordt er aan de hand van casuïstiek veel aandacht besteed aan dergelijke ethische vraagstukken.

De zaak van advocaat die een horloge en geld uitloofde, speelde in het arrondissement Midden-Holland. “De uitspraak is nieuw, het fenomeen niet,” zegt Tonco Roest Crollius, deken in dit arrondissement. “Klantje-pik komt nog steeds voor.” Hij is het met Ausma eens dat het voor advocaten steeds moeilijker wordt om strafzaken te krijgen. “Maar in het tuchtrecht zie ik op dit punt geen belangrijke verschuiving.”

Bas Martens (voorzitter van het dekenberaad) roept in herinnering dat er in het verleden incidenten zijn geweest met advocaten die geprobeerd hebben cliënten van andere advocaten te ronselen of gedetineerden geld gaven om klanten aan te brengen. Martens: “Dit zijn ernstige overtredingen van de gedragsregels. Vermeende ronselpraktijken kunnen bij de lokale deken worden gemeld zodat daar actie op ondernomen kan worden. De elf dekens zijn hier extra alert op.”

Martens wijst er wel op dat het benaderen van wachtende mensen in gerechtsgebouwen niet per se tot schorsing hoeft te leiden. Hij verwijst naar een zaak uit 2014, waarbij een ronselende advocaat ontsnapte aan schorsing. De advocaat die in gerechtsgebouwen in Groningen en Assen wachtende mensen benaderde, kwam er vanaf met een berisping. Het Hof van Discipline haalde in zijn uitspraak een streep door de eerder opgelegde schorsing van drie maanden, al stelde ook de hoogste tuchtrechter wel dat cliënten ronselen in het gerechtsgebouw echt niet kan.

Het hof vond dat het handelen van de advocaat in strijd was met de vastgelegde normen in de Advocatenwet, maar veranderde de sanctie in een berisping, omdat ‘verweerder bij de mondelinge behandeling in hoger beroep uitdrukkelijk had verklaard dat hij zich zal houden aan de beslissing van het hof.’ Het hof zag geen reden daaraan te twijfelen.

Bron: Mr. Online